Als Mihri tien jaar geleden haar thuisland Turkije moet verlaten, laat ze meer achter dan alleen haar huis. Ze laat ook haar werk, haar collega's en een toekomst achter waar ze jarenlang aan had gebouwd.
Als Mihri tien jaar geleden haar thuisland Turkije moet verlaten, laat ze meer achter dan alleen haar huis. Ze laat ook haar werk, haar collega’s en een toekomst achter waar ze jarenlang aan had gebouwd.
Samen met haar man en zoon vluchtte ze naar Griekenland. Na anderhalf jaar kwam het gezin in Nederland terecht. Een nieuw land. Een nieuwe taal. Een nieuw begin.
“De eerste dag was ik blij en vol hoop. Maar daarna kwam de werkelijkheid. Ik raakte gaandeweg mezelf een beetje kwijt. Tot ik jaren later bij Stichting Culture Kitchen terecht kwam.”
Daar stelde iemand haar een eenvoudige vraag.
Niet: “Wat kun je?”
Niet: “Welke baan zoek je?”
Maar: “Wat wil jij?”
“Die vraag was een belangrijk keerpunt.”
Van hoop naar stilstand
In Turkije werkte Mihri als docent Engels. Ze hield ervan om jongeren te begeleiden, hen te helpen groeien en te stimuleren een opleiding te volgen, zodat ze een toekomst hadden. Iets dat Mihri heel belangrijk vindt en waar ze zich ook met hart en ziel voor in heeft gezet.
Eenmaal in Nederland vond Mihri in de lokale bibliotheek een vrijwilligster die taallessen gaf en die haar enorm op weg heeft geholpen. De lessen stopten tijdens de coronaperiode en contact met anderen was in die periode zeer beperkt.
Omdat Mihri vooruit wil, begint ze vanuit huis een eigen onderneming. Haar hobby, die ze in Griekenland had ontdekt, groeit uit tot een klein bedrijf waarin ze taarten op bestelling maakt. Via via en social media bouwt ze stap voor stap een klantenkring op.
“Ik dacht, dit wordt mijn toekomst.”
Ze informeert daarom naar een opleiding om als banketbakker te werken en zoekt overal naar een werk/stageplek, maar dat lukt niet. En dat had gevolgen. De altijd positieve en ondernemende Mihri liep vast. Langzaam verdween toen ook haar zelfvertrouwen.
“Ik bleef vaak alleen nog maar thuis. Ik zag vooral Turkse vrienden en ging steeds minder naar buiten.”
Behalve de taal leerde ik mezelf kennen
Via een vriendin hoorde Mihri toen over het leerwerkprogramma van Stichting Culture Kitchen, nu bekend als Exploris. Ze ging een gesprek aan en besloot de stap te zetten. Mihri had ondertussen haar B1 diploma behaald, maar wilde zich de Nederlandse taal nog meer eigen maken. Ook het werken in de praktijk bij het restaurant Kleurrijk sprak haar erg aan.
“Ik wilde nog steeds als banketbakker aan de slag en de horeca leek mij een geschikte plek om naast praktische werkervaring ook de taal nog beter te leren.”
Mihri werkte als gastvrouw, achter de bar, in de keuken, als bakker en in de bediening. Elke werkplek bracht nieuwe ervaringen, nieuwe gesprekken en nieuwe woorden. En daarnaast kreeg ze elke maandag les in de Nederlandse taal.
“Behalve de taal heb ik vooral mezelf leren kennen.”
Mihri ontdekt tijdens het Exploris programma dat ze veel talenten heeft. Ze werkte samen met mensen uit verschillende landen en ervaart hoe waardevol het is om écht begrepen en gezien te worden. Ze leert de Nederlandse taal steeds beter onder de knie te krijgen tijdens lessen en in de praktijk. Ook maakt ze zich de Nederlandse werkcultuur eigen en ze behaalt haar B2 diploma. Maar veel belangrijker nog: ze vond haar zelfvertrouwen terug om weer mee te doen.
“Iedereen in het talentprogramma had een ander verhaal, maar we hadden allemaal dezelfde gevoelens. We begrepen elkaar. En vonden bij elkaar en vooral bij Kleurrijk ook de geborgenheid om opnieuw te ontdekken. Hier is geen verschil. Hier is iedereen gelijk.”
Een nieuw begin
“Het begin van een nieuw leven is moeilijk, het vinden van werk zonder een referentie te hebben ook, maar met de hulp van het leerwerkprogramma werd het makkelijk,” vertelt Mihri.
“Vaak wordt er eerst gekeken welk werk iemand kan doen. Bij Stichting Culture Kitchen vroegen ze mij eerst: “Wat wil jij? Niet: hier is een baan. Maar waar droom jij van? Wie ben jij? En wat heb jij nodig om vooruit te kunnen? Dat maakte voor mij het verschil.”
Volgens Mihri is dat precies wat mensen nodig hebben wanneer ze opnieuw moeten beginnen. “Je hebt iemand nodig die in je gelooft. Iemand die ziet wat je kunt.”
“Ik vertel daarom andere vluchtelingen, statushouders of mensen die al langer hier wonen, maar de taal nog niet goed spreken of hulp nodig hebben, over dit programma. Omdat ik zelf heb ervaren hoe goed het is geweest voor mij. Omdat je hiermee een nieuwe stap kunt maken. Met hulp van Stichting Culture Kitchen kun je weer vooruit en een nieuw begin maken.”
Soms begint een nieuwe toekomst met één hardop uitgesproken gedachte
Gedurende het Exploris programma spreekt Mihri geregeld met Marloes, coördinator van het Exploris programma. Tijdens één van die momenten, vertelt ze dat ze eigenlijk nog steeds droomt van werken in het onderwijs. Geen groot plan. Zomaar een gedachte. Een gedachte waarvan ze zelf eigenlijk denkt dat dit niet meer kan. Niet in Nederland.
Die hardop uitgesproken gedachte blijkt een belangrijk keerpunt. Marloes luisterde. En ging op onderzoek uit. Via het netwerk van Stichting Culture Kitchen ontstaat er een stageplek bij het ROC. Een eerste stap die Mihri met beide handen aangrijpt. Daar ontdekt Mihri dat haar hart nog altijd ligt bij het lesgeven. Ze maakt hier ook kennis met het beroep NT2 docent en voelt dat dit is wat ze wil doen.
Ze schrijft zich in voor een opleiding aan Windesheim, kan opnieuw stage lopen bij het ROC en behaalt haar diploma.
Blijf geloven in jezelf
Vandaag voelt Nederland als thuis. Mihri behaalde ook haar B2-examen, heeft een Nederlands paspoort en werkt nu als NT2-docent bij een taalinstituut in Eibergen. Ze doet weer waar ze blij van wordt en wat haar drijft: mensen helpen groeien. Haar doorzettingsvermogen, drive en eigen inzet dat ze nu weer docent is, maken hierbij alle verschil, naast de hulp die ze van Stichting Culture Kitchen kreeg.
Mihri’s verhaal stopt hier niet. Ze droomt ervan om zich in de toekomst in te zetten voor andere vrouwen met een vluchtelingenachtergrond.
“Veel vrouwen blijven thuis. Ze zorgen voor de kinderen en krijgen weinig kansen om de taal te oefenen of nieuwe mensen te ontmoeten. Ik wil iets voor hen betekenen. “
Het is eigenlijk niet zo vreemd. In Turkije wilde ze anderen al vooruit helpen en mensen stimuleren zich te ontwikkelen. In Nederland is ze hiermee zelf geholpen toen ze dat nodig had. Nu wil zij hetzelfde doen voor anderen.
Als ze terugkijkt op de vrouw die tien jaar geleden in Nederland aankwam, weet ze precies wat ze nu zou zeggen:
“Wees trots op jezelf. Blijf geloven in jezelf. Het komt goed.”